Inhoudsopgave
OMHOOG 01.04.2012
Pagina 2
Pagina 3
Pagina 4
Pagina 5
Pagina 6
Pagina 7
Pagina 8
Pagina 9
Pagina 10
Pagina 11
Pagina 12
Pagina 13
Pagina 14
Alle pagina's

ZONDAG 01APRIL 2012 (PALMZONDAG)


 

 

 

 

 

 

 

 

Agenda

zo 01 Palmzondag

wo 04  Oliewijding in de St. Petrus en Paulus Kathedraal. Tijd: 18.30u.

do 05   Witte Donderdag

vr 06    Goede Vrijdag

za 07   Stille Zaterdag

Wereld Gezondheidsdag

-----------------------------------------------


Gebedsintenties van de paus voor April:

Algemene Intentie: Roepingen

Dat jongeren de roep van Christus horen en Hem volgen door toetreding tot het priesterschap en religieus leven.

Missionaire Intentie: Christus, hoop voor Afrikanen

Dat de verrezen Christus het teken van zekere hoop mag zijn voor de mannen en vrouwen van het Afrikaanse continent.

---------------------------------------

 

 

 

IN DE VOETSTAPPEN VAN PAULUS (10)

Paulus heeft drie grote missiereizen gemaakt en hij voelde zich als het ware ertoe gedwongen de Blijde Boodschap te verkondigen. Zo schrijft hij aan de Korinthiërs: “Wee mij! Als ik het niet doe. Ik kan niet anders!” (I Kor.9/16)

In de gemeente van Antiochië waren er Profeten en Leraren zoals Barnabas, Simon, Lucius en Saulus. Terwijl ze eens de Heilige Dienst verrichten en vastten sprak de Heilige Geest”. Zondert mij Barnabas en Saulus af voor het werk waartoe ik hen heb geroepen!” En zo geschiedde. Na vasten en gebed, legden ze hen de handen op en lieten hen vertrekken. Op deze reis bleek al gauw dat Saulus meer succes had onder de niet-joden, algemeen als ‘heidenen’ aangeduid, en veel minder onder de Joden. Hij ging wel altijd naar de synagogen als hij ergens aankwam om de mensen toe te spreken maar over het algemeen hebben ze de periode dat Saulus de leerlingen van Christus heeft vervolgd nooit kunnen verwerken en ondervond hij veel achterdocht en zelfs tegenwerking, vooral onder de joden.

Daarom wendde Saulus zich vooral tot de heidenen. (In deze periode wordt de Hebreeuwse naam Saulus veranderd in Paulus en zo zullen we hem verder hier ook gaan noemen.) Op zijn eerste reis die duurde van 45 tot 48 maakte hij veel bekeerlingen onder de heidenen, en dat bracht problemen met zich mee. De Joden hadden altijd nog het idee dat Jezus Christus van Nazareth voor het joodse volk was gekomen en ze moesten er erg aanwennen dat het heil dat Jezus is komen brengen universeel bedoeld was. Jezus is gekomen voor alle mensen, joden zowel niet-joden.

Er waren onder de christenen van joodse afkomst zelfs die eisten dat de heidenen alle Mozaïsche wetten moesten onderhouden waaronder de besnijdenis. Deze strenge opvatting van een splintergroep bracht tweespalt teweeg in de groeiende kerk en het liep hoog op. Toen hierover zo'n geweldig heftige discussie ontstond droeg men Paulus en Barnabbas op  met deze strijdvraag naar de Apostelen en Oudsten in Jeruzalem te gaan om hierover te discussiëren. En zo mogen we zeggen dat in Jeruzalem het eerste Concilie heeft plaats gehad in het jaar 59.

Wat was het probleem?

De strijdvraag was: ”Moeten de heidenen eerst Jood worden en dan christen? Of ”Mogen heidenen direct christen worden zonder het opleggen van alle Mozaïsche wetten…?” Paulus en Barnabas, de Apostelen en de Oudsten in Jeruzalem kwamen dus bij elkaar in Jeruzalem om hierover te praten: Petrus en Paulus gaven beiden een uitleg van hun apostolische arbeid en hoe heel duidelijk de Heilige Geest verschillende keren heeft duidelijk gemaakt dat God geen onderscheid maakt tussen joden en niet-joden. Zo getuigde Petrus:

”Welnu, God die de harten kent heeft zich duidelijk voor de heidenen uitgesproken door hen de Heilige Geest te geven net zoals aan ons (Joden) en Hij heeft in geen enkel opzicht onderscheid gemaakt. Waarom wilt ge dan nu God tarten door de leerlingen van niet-joodse afkomst een juk op te leggen, dat noch onze voorouders noch wij in staat geweest te zijn te dragen”

De hele vergadering zweeg en men luisterde vervolgens naar Paulus en Barnabas die van de grote wonderdaden verhaalden die God door hen onder de heidenen gedaan had. Toen Petrus en Paulus waren uitgesproken en de aanwezigen nadachten over hetgeen de beide apostelen hen hadden verteld over die wondertekenen die zichtbaar Gods aanwezigheid in hun apostolaat benadrukten, zwegen de toehoorders.

Uiteindelijk nam Jacobus, die hier waarschijnlijk optreedt als verantwoordelijke (Bisschop) van de gemeente te Jeruzalem, het woord: ”Mannen, broeders, luistert naar mij: We hebben de getuigenissen gehoord van Petrus en Paulus over hun arbeid onder de heidenen. Daarom ben ik voor mij van oordeel dat men hun die vanuit het heidendom tot God bekeren geen onmogelijke lasten op te leggen. Toen besloten de Apostelen en de Oudsten samen met de hele gemeente het volgende schrijven te richten. (Het is opvallend dat in de Handelingen de rol van de Heilige Geest erg benadrukt wordt, alsof Hij lijfelijk aanwezig is, en de aanwezigen toespreekt. (Lees het hele 15e hoofdstuk )

Hier volgt het schrijven van alle aanwezigen op die eerste Kerkvergadering te Jeruzalem, gericht aan allen die in Jezus geloven, en let op de rol van de Heilige Geest….

”De Heilige Geest en wij hebben besloten U geen zwaardere lasten op te leggen dan dit onvermijdelijke: U te onthouden van vlees dat geofferd is aan de afgoden… Als gij u zelf daarvoor in acht neemt zal het u goed gaan. Vaarwel!”

Als we dit gebeuren zien als een allereerste kerkvergadering, -Concilie- dan mogen we zeggen dat er in de geschiedenis van de Kerk er 21 concilies zijn geweest waarvan de eerste te Jeruzalem heeft plaats gevonden rond het jaar 59 en de laatste in het Vaticaan, (Vaticanum II) van 1959-1964.

M. Noordermeer OMI

----------------------------------

 

PALMZONDAG “A-B-C” Ant. en Ps. 21.

MIJN GOD, MIJN GOD! WAAROM VERLAAT GIJ MIJ?

1.

Ze lachen met mij, allen die Mij zien,

Ze grijnzen en ze schudden met het hoofd.

Hij steunt toch op de Heer? Laat die

Hem dan redden, als Hij Hem bemint.

2.

Een meute honden jaagt Mij op, / een

bende booswichten houdt Mij omsingeld,

Mijn handen en Mijn voeten hebben zij gewond,

Mijn beenderen kan ik wel tellen.

3.

Nu gapen zij Mij aan en lachen zij Mij uit,

/nu delen zij Mijn kleren onderling en

dobbelen om Mijn gewaad. /

Ach, Heer, houd U niet ver van Mij,

Mijn steun, kom haastig om Mij bij te staan.

+++

“HOSANNA IN DEN HOGE,

VOOR KONING DAVID’S ZOON…”

Christus is voor ons gehoorzaam geworden

Tot de dood, tot de dood aan een kruis.

Daarom heeft God Hem goog verheven

en Hem de Naam verleend die boven alle namen is.

--------------------

 

NANGA PALLEM....

t. M.Noordermeer m. Kaseko Stars

naar: Lit. Palmzondag

1.

Nanga pallem wi de kon,

nanga pallem wi de kon:

W'e go mit' wi Kownu na Jerusalem:

Nanga pallem wi de kon! Refr:

Solo: JERUSALEM,

Allen: YU KOWNU KON! (2X)

TE AY DORO FOTO FU JERUSALEM,

WI SA BARI "OSANNA" Gl EN!"

2.

Tap' buriki A de kon,

tap'buriki Ade kon!

Fa' profeet ben skrifi: "Luk' a bruidegom!

Tap' buriki A de kon! Refr:

3.

A go nyan no na Paskafeest,

A go nyan no na Paskafeest!

Fa den Dyu ben gwenti na Jerusalem

den nyan drape na Paskafeest! Refr:

4.

Tidey den singi: "Osanna gi En,"

tidey den singi: "Osanna gi En!"

Wan-tu dey na baka den sa bari:

"Tap' a kroysi, kiri En!" Refr:

5.

Christus kon na Jerusalem,

Christus kon na Jerusalem!

A sa pina, dede, opo-baka tu,

fu wi kis' "Nyun Jerusalem!" Refr: